• 06 juni 2017
  • Door: Sjoerd Bos

Geregeld ontvangen wij via e-mail en telefoon vragen over het wel of niet wettelijk bevoegd zijn voor het geven van het vak bewegingsonderwijs. Voldoende aanleiding om in dit artikel eens stil te staan bij de wettelijke richtlijnen van bewegingsonderwijs zodat iedereen weet waar hij/zij aan toe is.

Het is goed om allereerst eens te kijken naar de definitie van de bewegingsbevoegdheden. Als men in het bezit is van de bevoegdheid, dan geldt dat men bevoegd is voor het geven van alle onderdelen binnen bewegingsonderwijs en wordt geen onderscheid gemaakt bij de inhoud van de lessen.

Een bevoegd iemand mag – mits daarin natuurlijk bekwaam – lessen geven waarin zowel spelonderdelen als het gebruik van toestellen aan bod komen. Dit is inclusief het gebruik van de trampoline en het geven van buitenlessen. Omgekeerd geldt ook dat als iemand geen bevoegdheid heeft tot het geven van bewegingslessen, deze ook geen lessen met bijvoorbeeld enkel spelelementen mag geven.

Veelgestelde vragen over bevoegdheden binnen bewegingsonderwijs

Ter verduidelijking hebben wij hieronder enkele van de meest gestelde vragen over bevoegdheden binnen bewegingsonderwijs onder elkaar gezet:

  • Ik ben tien jaar geleden afgestudeerd aan de pabo en mag gym geven, maar mag ik nu ook trampoline springen aanleren?
  • Ik ben net klaar met de Pabo en heb geen gymbevoegdheid, maar mag ik wel spellessen doen met de kinderen in de bovenbouw?
  • Ik ga de opleiding leergang vakbekwaamheid bewegingsonderwijs volgen, ben ik dan bevoegd?
  • Ik heb de opleiding Sport en Bewegen op het CIOS in Goes gedaan. Mag ik nu zelfstandig lesgeven op de basisschool?

Om antwoord te kunnen geven op deze vragen zullen we eerst alle bevoegdheden op een rijtje zetten. In het kort komt het er op neer dat de volgende leerkrachten bevoegd zijn tot het geven van lessen bewegingsonderwijs:

  1. Leerkracht met een oude brede bevoegdheid. (pabo-afgestudeerd voor 2005);
  2. Leerkracht met een tijdelijke brede bevoegdheid (volgt de leergang bewegingsonderwijs en in het bezit van een aaneengesloten 2-jarige tijdelijke bevoegdheid);
  3. Vakspecialist (leerkracht met de nieuwe brede bevoegdheid na het afronden van de leergang vakbekwaamheid bewegingsonderwijs);
  4. Vakleerkracht (afgestudeerde van de academie voor lichamelijke opvoeding (ALO).

Hieronder zullen we de diverse profielen duidelijker uiteen zetten zodat duidelijk wordt wat wel en niet mag.

De leerkracht met een oude brede bevoegdheid

Bij de afgestudeerden van de pabo’s is het van belang om onderscheid te maken in de startdatum van de studie. Dit heeft te maken met een wijziging van de bevoegdheidsregeling voor bewegingsonderwijs, in de Wet Primair Onderwijs per 2001.

Gestart voor 1 september 2000

Alle studenten die aan hun studie zijn begonnen voor 1 september 2000 en deze hebben afgemaakt voor 1 september 2005 – waarbij het onderwijs in de lichamelijke opvoeding deel uitmaakt van het programma – zijn bevoegd voor het geven van bewegingsonderwijs aan alle groepen van het primair onderwijs.

Gestart na 1 september 2000

Alle studenten die na 1 september 2000 aan de opleiding zijn begonnen zijn bevoegd voor het geven van bewegingsonderwijs aan de groepen één en twee van het basisonderwijs. Zij beschikken niet over de bevoegdheid voor de groepen drie tot en met acht.

De leerkracht met een tijdelijke brede bevoegdheid

Dit betreft een afgestudeerde leerkracht van de Pabo die actief de leergang vakbekwaamheid bewegingsonderwijs volgt. De wet- en regelgeving (artikel 3 van de WPO en WEC) spreekt over een tijdelijke bevoegdheid (dispensatie) gedurende een aaneengesloten periode van maximaal 2 schooljaren vanaf het tijdstip waarop de leergang voor het eerst wordt gevolgd.

Wat betekent dit voor een deelnemer die de opleiding bij Avans+ volgt? De deelnemer mag tijdens het actief volgen van de leergang zelfstandig – zonder toezicht – lessen bewegingsonderwijs geven. Dit geldt zowel tijdens het werkplekleren (de stage) als tijdens mogelijke reguliere werkzaamheden als leerkracht. Hierbij is de aanstelling (vast dienstverband, tijdelijk dienstverband of invaller) m.b.t. de te verrichten werkzaamheden irrelevant.

Waar dien je rekening mee te houden bij een eventuele onderbreking in het volgen van de leergang bewegingsonderwijs.

  • Bij een tijdelijke onderbreking van de leergang – door bijv. zwangerschap (komt vaak voor) – stopt de klok niet. De 2 aaneengesloten schooljaren liggen vast. Belangrijk om te weten is dat wanneer u de opleiding niet actief volgt u op dat moment geen beroep kan doen op de tijdelijke bevoegdheid terwijl de aaneengesloten periode van 2 jaar wel doorloopt.
  • Als een deelnemer van de leergang om voor hem/haar motiverende redenen de leergang verlaat, kan de deelnemer in zijn/haar verdere leven nooit meer een beroep doen op een tijdelijk bevoegdheid. Hij kan de leergang wel opnieuw gaan volgen, maar op de school kan hij/zij alleen maar een voor lichamelijke oefeningen al bevoegde leerkracht assisteren.

De vakspecialist bewegingsonderwijs

Een vakspecialist is een leerkracht met de nieuwe brede bevoegdheid. Deze bevoegdheid wordt verkregen na het afronden van de leergang vakbekwaamheid bewegingsonderwijs. De vakspecialist is volledig bevoegd tot het geven van bewegingsonderwijs aan alle leerlingen en leeftijdsgroepen in het primair onderwijs.

De vakleerkracht bewegingsonderwijs

Een vakleerkracht is opgeleid aan één van de Academies voor Lichamelijke Opvoeding (ALO) in Nederland. Een vakleerkracht is bevoegdheid voor het geven van lichamelijke opvoeding in het PO, VO, MBO en HBO. Dit betekent dat de vakleerkracht bevoegd is voor het geven van bewegingsonderwijs in elke sector van onderwijs in Nederland voor leerlingen vanaf 4 jaar.

Om antwoord te geven op de vraag t.a.v. de bevoegdheden van een ROC afgestudeerde aan de opleiding Sport en Bewegen. Deze opleiding leidt op tot onderwijsondersteuner binnen het onderwijs. De MBO-opgeleide leraarondersteuner is niet bevoegd tot het zelfstandig geven van lessen bewegingsonderwijs. Binnen een bepaalde lescontext kan hij wel bepaalde ondersteunende taken zelfstandig uitvoeren, maar dit is altijd onder verantwoording van een bevoegd leerkracht.

Geen bevoegdheid bewegingsonderwijs, wat nu?

Heb jij de pabo afgerond maar ben je niet in het bezit van de bevoegdheid om lessen bewegingsonderwijs aan te mogen bieden. Haal dan via het postbachelor traject van Avans⁺ je bevoegdheid.

Tevens is het mogelijk om na het behalen van eventuele deelcertificaten binnen de minor bewegingsonderwijs aan de pabo in te stromen in één van de blokken binnen de leergang om alsnog je volledige bevoegdheid te behalen. Benieuwd naar de mogelijkheden? Kijk dan op de website van www.avansplus.nl.

Literatuur

  1. Handboek onderwijsbevoegdheden (2017). Dienst Uitvoering Onderwijs. Ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschap.
  2. Berkel, M. van, Appelman, M., Mooij, C., Zandstra, B., Hulscher-Slot, C. (2008). Bewegingsonderwijs in het primair onderwijs. Jan Luiting Fonds.
  3. Dijksma, S., (2008) nieuwsbrief PO, nummer 20.

Plaats ook een reactie

CAPTCHA Deze vraag dient om te testen of u een menselijke bezoeker bent en om geautomatiseerde spam-inzendingen te voorkomen.